Rekenvaardigheden opnieuw opbouwen, met inzicht als fundament en hulpmiddelen waar nodig.
Dyscalculie is een hardnekkige rekenstoornis: getallen, hoeveelheden en rekenprocedures blijven moeilijk, ook na extra oefening op school. Veel logopedisten zijn gespecialiseerd in leerstoornissen en behandelen naast lees- en spellingproblemen ook rekenproblemen. De begeleiding start met een rekenonderzoek dat in kaart brengt waar het precies misloopt: getalbegrip, automatisatie van tafels en splitsingen, procedures of vraagstukken. Meer over de stoornis zelf leest u op de pagina over dyscalculie.
De therapie keert terug naar het punt waar de basis wankel werd, vaak het getalbegrip zelf: hoeveelheden schatten, getallen ordenen, de getallenlijn begrijpen. Van daaruit worden optellen, aftrekken, splitsen, tafels en later breuken en kommagetallen systematisch opgebouwd. Elke stap wordt pas gezet als de vorige stevig zit, want gaten in de basis blijven anders doorwegen in alle latere leerstof.
Kinderen met dyscalculie leren op school soms trucjes die snel weer vergeten worden. De logopedist kiest voor inzichtelijk rekenen: eerst handelen met concreet materiaal (blokjes, rekenrek, geld), dan schematisch werken met tekeningen en pijlen, en pas daarna abstract rekenen met kale getallen. Het kind verwoordt telkens hardop wat het doet en waarom. Zo ontstaat begrip dat overdraagbaar is naar nieuwe opgaven, in plaats van losse regels zonder houvast.
Waar automatisatie ondanks training moeizaam blijft, mag gecompenseerd worden: tafelkaarten, stappenplannen, kladblad, een rekenmachine voor grotere berekeningen of extra tijd bij toetsen. De logopedist bekijkt samen met school en CLB welke redelijke aanpassingen zinvol zijn en leert het kind die hulpmiddelen doelgericht gebruiken. Hoe dat overleg met de school verloopt, leest u bij logopedie, school en CLB. Korte, dagelijkse oefenmomenten thuis versterken het traject; tips staan bij oefeningen thuis.
De meeste trajecten starten in de lagere school, zodra de rekenachterstand hardnekkig blijkt, maar ook jongeren in het secundair kunnen begeleiding krijgen, bijvoorbeeld rond wiskundetaal en vraagstukken. Reken op een langdurig traject van vaak een schooljaar of meer, met wekelijkse sessies van 30 minuten en regelmatige evaluatiemomenten. Dyscalculie komt bovendien vaak samen voor met dyslexie; beide worden dan in ÊÊn begeleiding gecombineerd.
Een individuele sessie van 30 minuten kost aan het conventietarief ongeveer 36 tot 40 euro, met ongeveer 5,50 euro remgeld (ongeveer 3 euro bij verhoogde tegemoetkoming). Een bilanzitting kost ongeveer 40 tot 50 euro per 30 minuten. RIZIV-terugbetaling geldt enkel voor erkende stoornissen en vraagt een voorschrift van een arts, een aanvangsbilan en het akkoord van de adviserend arts van het ziekenfonds. Anders springt de aanvullende verzekering bij met ongeveer 10 tot 20 euro per sessie, met een jaarplafond. Alle info staat bij terugbetaling.
Zoekt u rekenbegeleiding voor uw kind? Vind een logopedist bij u in de buurt →