Gebaren, pictogrammen en spraakcomputers voor wie niet of moeilijk kan spreken
Ondersteunde communicatie (afgekort OC, soms ook OC-hulpmiddelen of AAC genoemd) is een verzamelnaam voor alle manieren om communicatie aan te vullen of te vervangen wanneer spreken niet of onvoldoende lukt. Dat gaat van eenvoudige middelen zoals gebaren en pictogrammen tot geavanceerde spraakcomputers met oogbesturing. Het doel is altijd hetzelfde: de persoon opnieuw een stem geven, zodat hij of zij wensen, gevoelens en gedachten kan uiten en volwaardig kan deelnemen aan het dagelijkse leven.
Ondersteunde communicatie wordt ingezet bij zeer uiteenlopende doelgroepen. Denk aan kinderen met een ernstige taalontwikkelingsstoornis, een verstandelijke beperking of autisme, maar ook aan volwassenen die na een beroerte afasie of dysartrie ontwikkelden, of aan personen met een spierziekte zoals ALS. Belangrijk om weten: OC remt de spraakontwikkeling niet af. Onderzoek en praktijkervaring tonen net dat gebaren en pictogrammen het spreken vaak ondersteunen, omdat ze de druk verlagen en taalbegrip versterken.
Men onderscheidt doorgaans drie niveaus. Bij niet-ondersteunde vormen gebruikt de persoon enkel het eigen lichaam: mimiek, wijzen en ondersteunende gebaren zoals SMOG (Spreken Met Ondersteuning van Gebaren). Low-tech hulpmiddelen zijn onder meer pictogrammenkaarten, communicatieboeken en letterkaarten. High-tech oplossingen omvatten spraakcomputers, tablets met communicatie-apps en toestellen met oogbesturing die getypte of aangeklikte boodschappen omzetten in gesproken taal. Welk middel het beste past, hangt af van de motoriek, het taalbegrip en de omgeving van de gebruiker.
De logopedist start met een grondig onderzoek van de communicatiemogelijkheden: wat lukt nog, wat niet, en wat heeft de persoon nodig in zijn dagelijkse situaties? Op basis daarvan adviseert de logopedist een passend hulpmiddel, vaak in overleg met een multidisciplinair team of een gespecialiseerd adviescentrum. Daarna volgt training: de gebruiker leert het systeem stap voor stap hanteren, van losse symbolen tot volledige zinnen. Even essentieel is de begeleiding van de omgeving. Ouders, partners, leerkrachten en zorgverleners leren hoe ze het hulpmiddel actief gebruiken in gesprekken, want communicatie is altijd tweerichtingsverkeer. Bij neurologische aandoeningen gebeurt dit vaak binnen een breder traject van neurologische logopedie.
De logopedische begeleiding zelf valt onder de gewone tarieven: een individuele sessie van 30 minuten kost bij een geconventioneerde logopedist ongeveer 36 tot 40 euro, waarvan u na terugbetaling zo'n 5,50 euro remgeld betaalt (ongeveer 3 euro bij verhoogde tegemoetkoming). Het RIZIV betaalt enkel terug bij erkende stoornissen, met een voorschrift van een arts, een logopedisch aanvangsbilan en het akkoord van de adviserend arts van het ziekenfonds. Valt uw situatie daarbuiten, dan biedt de aanvullende verzekering van het ziekenfonds vaak een tegemoetkoming van ongeveer 10 tot 20 euro per sessie, met een jaarplafond. Voor de aankoop van spraakcomputers en andere technische hulpmiddelen bestaan aparte tegemoetkomingen via het VAPH in Vlaanderen; uw logopedist of adviescentrum helpt u bij die aanvraag. Meer uitleg vindt u op onze pagina over terugbetaling.
Hoe vroeger, hoe beter. Wacht niet tot alle andere opties uitgeput zijn: een kind dat vroeg met gebaren of pictogrammen leert communiceren, ervaart minder frustratie en ontwikkelt sneller taalbegrip. Ook bij volwassenen met een progressieve aandoening loont het om een hulpmiddel aan te leren zolang dat nog vlot gaat. Twijfelt u of OC iets is voor uw kind of familielid? Bespreek het met uw huisarts of behandelend specialist en maak een afspraak bij een logopedist met ervaring in ondersteunde communicatie. Logopedie vervangt geen medische diagnose, maar is wel de sleutel tot een werkend communicatiesysteem op maat.
Op zoek naar een logopedist met ervaring in ondersteunde communicatie? Vind een logopedist bij u in de buurt →